Advies over wetgeving

Centraal binnen de Europese Unie zijn richtlijnen opgesteld voor het voeren van optische en akoestische signalering. Dit is vastgelegd in de ECE R65 richtlijn. Nederland heeft deze richtlijn integraal overgenomen en is 14 maart 2014 van kracht gegaan. De richtlijn bevat een uitgebreide set “spelregels”, maar voor het overgrote deel van de voertuigen die in aanmerking komen om signalering te voeren is deze kort samen te vatten:

Op 20 meter afstand rondom het voertuig moet minimaal één primaire flitslamp zichtbaar zijn op een hoogte van 1,5 meter.

Bovenstaande geldt voor “normale” voertuigen. Indien het een speciaal voertuig betreft of het voertuig is voorzien van op- en ombouw, dan kan de volgende aanvulling worden gemaakt voor een goede 360º zichtbaarheid:

Indien op- of aanbouw aan het voertuig het zicht op de primaire zwaailampen verhindert, dan mogen er secundaire grille flitsers gemonteerd worden binnen een hoogte van 0,4mtr en 1,2mtr aan de voorzijde van het voertuig

In de praktijk

De wetgeving beschrijft wat er minimaal gemonteerd moet worden. Niet wat er vanuit goede zichtbaarheid en veiligheid gewenst is. Vaak zien we dan ook dat de gemonteerde signalering wel aan de wet voldoet, maar dat het maar de vraag is of het ook tot een afdoende zichtbaarheidsniveau leidt:

Een enkele zwaailamp midden op het dak van het voertuig voldoet aan de wet in het geval van werk langs de snelweg. Maar, is dit ook veilig genoeg als er verkeer met 130 km/uur langs raast?

Wij adviseren dan ook altijd om goed te kijken naar wat er wettelijk wordt geëist, maar zeker ook te kijken naar de situatie waarin gewerkt moet worden. Dagelijks komen wij voertuigen tegen met ondeugdelijke signalering.  Of het voldoet wel aan de wet, maar is onze ogen niet veilig genoeg.

Fout... palenjuk ontneemt zicht op zwaailampen. water of condens in de lamp. stickers op de zijkant van de dakset. alternerende flitsers tegen elkaar aan gemonteerd. niet brandende of niet roterende rotatiezwaailichten alternerende flitsers die daartoe niet ECE R65 gekeurd zijn. zicht op zwaailamp ontnomen door aanhanger of bakopbouw.

Wanneer mag amber signaleringslicht gevoerd worden?

Hulpverlening
Werkzaamheden ten behoeve van de hulpverlening op of langs de weg met kennelijk daartoe ingerichte motorvoertuigen.

Werkzaamheden ten behoeve van wegen
Werkzaamheden ten behoeve van de hulpverlening op of langs de weg met kennelijk daartoe ingerichte motorvoertuigen.

Reparatie, bergen of wegslepen
Werkzaamheden met kennelijk daartoe ingerichte motorvoertuigen voor de hulpverlening aan en het repareren of bergen en wegslepen van voertuigen.

Vervoer van grote ladingen
Vervoer van ondeelbare lading voor zover het voertuigen betreft waarvoor krachtens de Regeling Voertuigen ontheffing is verleend inzake de afmetingen van deze voertuigen of hun lading.

Transport begeleiding
Het begeleiden van transporten waarvoor een ontheffing is verleend, voor zover die begeleiding uit de ontheffing voortvloeit en dit geschiedt met daartoe speciaal uitgeruste voertuigen.

Begeleiden militaire colonnes
Het begeleiden van militaire colonnes.

Voertuigen met beperkte snelheid
Het rijden met landbouw- of bosbouwtrekkers en motorvoertuigen met beperkte snelheid, of daardoor voortbewogen aanhangwagens, die, met inbegrip van de lading, breder zijn dan 2,60 meter.

Belastingdienst
Werkzaamheden van de Belastingdienst, waaronder begrepen de Belastingdienst/Douane.